Waterafzet
In Nederland werd in 2010 via 118.000 km leidingnetwerk 1.136.000.000 kubieke meter kraanwater aan de consument geleverd.
Ontwikkeling waterbehoefte
In de vorige eeuw nam de behoefte aan kraanwater in Nederland sterk toe: van ca. 300 miljoen kubieke meter in 1950 tot ca. 870 miljoen kubieke meter in 1970 en vervolgens tot 1.236 miljoen kubieke meter in 1990. Tussen 1990 en 1995 bleef het niveau min of meer constant, om daarna terug te lopen tot ca. 1.147 per jaar sinds 2004. De verwachting is dat de waterbehoefte tot 2025 min of meer stabiel blijft. Een afzetdaling tussen 1995 en 2004 vond vooral plaats in het zakelijk segment. Oorzaken hiervan waren waterbesparing, waterhergebruik, en vervanging van drinkwater door ander water en door eigen waterwinningen.
Het huishoudelijk kraanwatergebruik sinds 1990 is min of meer stabiel. Het gebruik per persoon is weliswaar gedaald, maar dit wordt gecompenseerd door een toename van de bevolking. Ook periodes van extreme hitte en/of droogte hebben een verhogend effect op het huishoudelijk gebruik. De jaren 2003 en 2006 zijn hier voorbeelden van.