Opinie: Meer btw op gezond en duurzaam drinkwater is niet van deze tijd

Terug 3 augustus 2018

Opinie: Meer btw op gezond en duurzaam drinkwater is niet van deze tijd

De drinkwaterrekening voor de Nederlandse consument bestaat voor zo'n 27 procent uit belastingen. Nog meer belasting heffen op drinkwater lijkt dan ook vreemd, zeker in deze tijd waar we gezondheid en duurzaamheid belangrijk vinden. Maar als het aan het kabinet ligt, komt er een verhoging van het lage btw-tarief bij, van 6 procent naar 9 procent per 1 januari 2019. Dit lage btw-tarief – en dus de verhoging –  geldt ook voor drinkwater. In de huidige tijd zou je mogen verwachten dat juist minder gezonde en minder duurzame producten voor hogere belastingheffing in aanmerking zouden komen.

De drinkwaterbedrijven vinden een nog hogere belasting op drinkwater niet van deze tijd. Drinkwater is een eerste levensbehoefte, past bij een gezonde levensstijl en wordt op milieuvriendelijke en duurzame wijze gemaakt. Bovendien wordt het zonder verpakking en zonder vrachtwagenkilometers bij iedereen thuisbezorgd. Drinkwater past dus perfect in het overheidsbeleid, gericht op bevordering van een gezonder voedingspatroon en een duurzamere samenleving.

Verbetering van de volksgezondheid was voor de overheid vanaf eind negentiende eeuw een belangrijke reden om te investeren in een goede, betrouwbare drinkwatervoorziening. Waar drinkwaterleidingen werden aangelegd, verdwenen ziektes als cholera en nam de levensverwachting fors toe. Tegenwoordig verwacht de overheid van burgers ook dat zij hun eigen verantwoordelijkheid nemen voor een gezonde levensstijl met gezonde en duurzame keuzes. De drinkwaterbedrijven proberen deze keuze zo gemakkelijk mogelijk te maken door betrouwbare levering van uitstekend water en een goede service, door het plaatsen van openbare watertappunten, aanwezigheid op festivals en evenementen en door voorlichting en educatie. 

Maar het belangrijkste is natuurlijk dat de drinkwaterbedrijven zich inspannen water van uitstekende kwaliteit te leveren tegen zo laag mogelijke tarieven. En daarin zijn zij zeer succesvol. In de afgelopen vijftien jaar is de kostprijs per kubieke meter nauwelijks gestegen, gecorrigeerd voor inflatie is zelfs sprake van een bijna voortdurende daling. Maar het profijt voor de klant wordt tenietgedaan door steeds hogere belastingen. Twintig jaar geleden bestond het consumententarief voor drinkwater voor bijna 15 procent uit belastingen, tien jaar geleden was dat bijna 25 procent en na de komende btw-verhoging zal dat zo'n 30 procent zijn. Dit zijn vooral verbruiksbelastingen: de Belasting op Leidingwater (BoL) en de btw. De btw drukt ook op de BoL. Door deze belasting op belasting leidt de btw-verhoging uiteindelijk tot een stijging van de drinkwaterrekening voor burgers en bedrijven met 50 miljoen euro per jaar. Nu zal dit de vraag naar drinkwater niet echt beïnvloeden – die is vrijwel inelastisch – maar drinkwaterbedrijven vinden dat de prijs moet worden bepaald door de kosten van productie en distributie, niet door meer belasting. Dus óf geen btw-verhoging voor drinkwater óf compensatie via een lagere BoL. 

Het zou van visie getuigen als het kabinet niet alleen kiest voor verschuiving van belasting op arbeid naar belasting op consumptie, maar daarbij vooral ook kiest voor het belasten van ongezonde en vervuilende consumptie. Want het belasten van een gezond en duurzaam product als drinkwater is niet meer van deze tijd.

Hans de Groene, directeur Vewin​

Delen via:

Gerelateerd aan dit nieuwsbericht