Herziening Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB)

Terug 28 augustus 2018

Herziening Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB)

​Schoon water in voldoende hoeveelheid is essentieel voor zowel de landbouw- als de drinkwatersector. Drinkwaterbronnen staan onder andere onder druk door stoffen afkomstig uit de landbouw, zoals nitraten, gewasbeschermingsmiddelen en diergeneesmiddelen. De herziening van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) is hét moment om in te zetten op verdere verduurzaming van de landbouw en het verder verminderen van verontreiniging van bodem en water door landbouwemissies. 

Het huidige GLB (2014-2020)

Uit onderzoek van de Europese Rekenkamer (ERK, dec. 2017) blijkt dat het huidige GLB haar ambities wat betreft het verbeteren van milieuprestaties niet waargemaakt heeft. De ERK concludeert in dit rapport dat maatregelen ter bescherming van het milieu nauwelijks bijdragen aan het oplossen van milieu- en klimaatproblemen omdat ambities te laag zijn en de maatregelen niet zorgen voor veranderingen in landbouwpraktijken. Ook in de voorstellen voor het nieuwe GLB die in juni gepresenteerd zijn wordt onvoldoende ingezet op het terugdringen van landbouwemissies ter verbetering van bodem- en waterkwaliteit. Dit terwijl het GLB een zeer geschikt financieringsinstrument is om boeren te ondersteunen bij hun inzet om milieudoelen te halen.

‘Verblauw’ het nieuwe GLB (2021-2027)

Om drinkwaterbronnen effectief te kunnen beschermen is stevig Europees water- en landbouwbeleid nodig, dat goed op elkaar is afgestemd. Het is nodig om het GLB te ‘verblauwen’. Dit betekent dat in het GLB een verwijzing moet worden opgenomen naar de doelen van het Europese waterbeleid - in elk geval naar de kwaliteitsdoelen uit de Kaderrichtlijn Water - en dat de maatregelen uit het GLB moeten bijdragen aan het halen van die doelen. Er is in de GLB-voorstellen een lijst milieueisen voorgesteld waaraan boeren moeten voldoen om inkomenssteun te ontvangen, de zogeheten conditionaliteitseisen. Om de waterkwaliteit te kunnen verbeteren en drinkwaterbronnen te beschermen is het van belang dat boeren die financiering ontvangen voldoen aan eisen op het gebied van waterkwaliteit. Concreet houdt dit in dat de strekking van artikel 7 uit de KRW, dat van grond- en oppervlaktewater drinkwater moet worden kunnen gemaakt, opgenomen moet worden in de lijst met conditionaliteitseisen. 
-Zorg voor een ‘verblauwing’ van het GLB door de verbetering van waterkwaliteit en de bescherming van drinkwaterbronnen op te nemen in de doelen van het GLB;
-Neem de strekking van artikel 7 uit de KRW, dat van grond- en oppervlaktewater drinkwater moet worden kunnen gemaakt, op in de conditionaliteitseisen van het GLB.

Ambitieuze uitwerking op nationaal niveau

In het voorstel voor het nieuwe GLB wordt de lidstaten meer ruimte geboden voor een nationale invulling van de doelen en maatregelen. Een ambitieuze aanpak op nationaal niveau om de GLB-doelen tijdig en op effectieve wijze te halen is daarom cruciaal. De verbetering van de waterkwaliteit kan een extra impuls krijgen door dit op te nemen in de vrijwillige ecoregelingen (pijler 1) en het plattelandsontwikkelings-programma (POP, pijler 2). Hierbij is het van belang actief te stimuleren dat boeren extra maatregelen nemen om bodem- en waterkwaliteit te verbeteren, met name gericht op bescherming van drinkwaterbronnen. Deelname aan deze programma’s moet eenvoudig en aantrekkelijk zijn. De financiering vanuit beide pijlers moet voldoende ruimte bieden voor het uitvoeren van (samenwerkings-) projecten die aantoonbaar bijdragen aan verbetering van de waterkwaliteit. 
- Stimuleer actief via de ecoregelingen en het POP het nemen van extra maatregelen om bodem- en waterkwaliteit te verbeteren, met name gericht op de bescherming van drinkwaterbronnen. ​

Download standpunt

Tags by dit artikel

Delen via: