REACH en bescherming van drinkwaterbronnen

Terug 5 december 2018

REACH en bescherming van drinkwaterbronnen

In 2007 werd de REACH regelgeving van kracht, ten behoeve van de Registratie, Evaluatie, Autorisatie en Restrictie van Chemische stoffen. Het doel van REACH is om de menselijke gezondheid en het milieu te beschermen tegen de risico’s van chemische stoffen. Op de lange termijn moeten de meest gevaarlijke stoffen - ‘Substances of Very High Concern’ (SVHCs) genoemd - vervangen worden door minder risicovolle stoffen.

REACH beschermt drinkwaterbronnen onvoldoende

In zijn huidige vorm richt REACH zich met name op PBT stoffen, die persistent (niet of slecht biologisch afbreekbaar), bioaccumulerend (ophopend in organismen) en toxisch zijn. Hierdoor blijft een voor drink­waterproductie belangrijke groep van verontreinigende stoffen, namelijk de persistente, mobiele en toxische (PMT) stoffen buiten beeld. Vanwege de goede wateroplosbaarheid is het moeilijk deze stoffen uit (afval)water te zuiveren. Voorbeelden van deze stoffen zijn MTBE, pyrazool, PFOA en GenX. Dat deze PMT stoffen serieuze verontreiniging van drinkwaterbronnen kunnen veroorzaken wordt geïllustreerd door de problemen die zijn ontstaan als gevolg van lozingen van PFOA (tot 2012) en GenX (sinds 2012) door Chemours in de Merwede bij Dordrecht, waarbij deze stoffen in benedenstrooms gelegen drink-waterbronnen terecht zijn gekomen. Omdat GenX persistent en mobiel is, is het lastig te zuiveren en is het doorgedrongen tot in het drinkwater. In zeer kleine hoeveelheden die geen enkel probleem vormen voor de menselijke gezondheid, maar desalniettemin is dit een zeer onwenselijke situatie. De drink-waterbe­drijven vragen al langere tijd aandacht voor de risico’s die PMT stoffen kunnen veroorzaken. 

PMT stoffen in REACH

Duitsland heeft samen met Noorwegen een voorstel gedaan om PMT en vPvM (zeer persistente en zeer mobiele) stoffen in REACH te kunnen classificeren als SVHC (in Nederland Zeer Zorgwekkende Stoffen genoemd), zodat het gebruik en de lozing ervan binnen de EU in beginsel afgebouwd moet worden. Dit is een belangrijke stap om drinkwaterbronnen beter te kunnen beschermen tegen dergelijke gevaarlijke verontreinigingen. Vewin is blij met de door het ministerie van IenW uitgesproken steun voor het Duits-Noorse initiatief. Het is van groot belang om ook draagvlak te creëren bij andere lidstaten om deze aanpassing van REACH daadwerkelijk te realiseren.
-Zorg voor draagvlak bij de andere lidstaten voor het voorstel van Duitsland en Noorwegen om PMT/vPvM stoffen in REACH als ‘Substances of Very High Concern’ te kunnen classificeren.

Betere bescherming drinkwaterbronnen

Het kunnen classificeren van PMT/vPvM stoffen als SVHC in REACH is een goede stap vooruit. Voor de langere termijn is echter een meer structurele oplossing nodig. In de huidige REACH regel­geving moeten de risico’s van de blootstelling van de mens aan een stof via het milieu (via voedsel, drinkwater, lucht) meegenomen worden bij de registratie van een stof die boven een bepaald volume op de markt wordt gebracht. In deze risicobeoordeling wordt echter niet gekeken naar welke gevolgen het vrijkomen van een stof kan hebben voor de waterkwaliteit zelf, en voor de mogelijkheid om KRW doelen te kunnen halen. Dit zou ons inziens wel moeten gebeuren. Deze informatie moet vervolgens beschikbaar zijn voor vergunningverleners zodat zij dit kunnen gebruiken in het vergunningverleningsproces voor lozingen. Door het inzichtelijk maken van de risico’s van chemische stoffen voor de waterkwaliteit op Europees niveau via de REACH registratie kunnen vergunningverleners beter rekening houden met de effecten op drinkwaterbronnen en zullen drinkwaterbedrijven minder snel voor verrassingen komen te staan door boven­stroomse lozingen. Het is hierbij belangrijk dat drinkwaterbedrijven om advies wordt gevraagd bij relevante vergunningen en dat er gezorgd wordt voor transparantie over de stoffen die geloosd worden.
-Pleit in Europees verband voor de opname van een verplichting in REACH om bij registratie een inschatting te maken van de effecten die het vrijkomen van een chemische stof kan hebben op de waterkwaliteit en op het halen van de doelen van de KRW. Deze informatie moet beschikbaar zijn voor vergunningverleners t.b.v. het vergunningverleningsproces.

Download standpunt

Tags by dit artikel

Delen via:

Gerelateerd aan dit standpunt