Minister VenJ informeert Kamer over samenwerking veiligheidsregio’s en drinkwaterbedrijven

Terug 26 november 2014

Minister VenJ informeert Kamer over samenwerking veiligheidsregio’s en drinkwaterbedrijven

​De minister van Veiligheid en Justitie (VenJ) heeft een brief aan de Tweede Kamer gestuurd over de samenwerking tussen veiligheidsregio’s en drinkwaterbedrijven. Minister Opstelten geeft in deze brief aan dat de samenwerking in de praktijk versterkt moet worden. Vewin is blij met deze constatering en de inzet van de minister om deze samenwerking in de praktijk te verbeteren.
Stand van zaken samenwerkingsconvenanten
Met deze brief voldoet Opstelten aan de toezegging aan de Kamer om voor de begrotingsbehandeling van VenJ haar te berichten over de stand van zaken van de samenwerkingsconvenanten. Hiertoe is bij de 25 veiligheidsregio’s en - via Vewin - bij de 10 drinkwaterbedrijven een vragenlijst uitgezet. Opstelten geeft aan dat de samenwerking in de praktijk versterkt moet worden. Vewin is blij met deze onderkenning. Ook is Vewin blij met de bevestiging dat veiligheidsregio’s taken en verantwoordelijkheden hebben richting drinkwaterbedrijven, zoals tijdige alarmering bij bijvoorbeeld incidenten met gevaarlijke stoffen maar ook het leveren van bijstand bij de inzet van nooddrinkwater.

Niet geïnformeerd
Nog lang niet alle veiligheidsregio’s hebben uitgewerkte afspraken met drinkwaterbedrijven over bijvoorbeeld alarmering. Om te zorgen dat dit in de toekomst wel goed gaat is het niet nodig om nieuwe afspraken te maken. Al in 2010 zijn namelijk afspraken gemaakt in het landelijk convenant drinkwater, maar in nog lang niet in alle regio’s is er in de praktijk ook echt uitvoering aan gegeven. Vewin dringt daarom aan op directe implementatie, naleving en onderhoud van de samenwerkingsafspraken uit het drinkwaterconvenant.

Kamer vroeg om actie
De Kamer had eerder dit jaar aangedrongen op verbeteracties omdat de afspraken met de veiligheidsregio’s wel zijn vastgelegd in convenanten, maar de uitvoering in de praktijk bleek nog lang niet overal realiteit te zijn. Dit werd bijvoorbeeld duidelijk bij de brand op het Shellcomplex in Moerdijk, waar de drinkwaterbedrijven niet werden geïnformeerd door de veiligheidsregio omdat hun inschatting was dat er geen gevaar zou zijn voor de drinkwatervoorziening. In oktober werd daarom door de Tweede Kamer opnieuw de aandacht gevraagd voor de samenwerking tussen veiligheidsregio’s en drinkwaterbedrijven. Met name Peter Oskam (CDA) drong bij de minister aan op actie en het wegwerken van de achterstanden met betrekking tot de uitvoering van deze convenanten.

Continuïteit van de samenleving
Om de samenwerking in de praktijk te versterken, wordt het traject ‘Continuïteit van de samenleving’ genoemd; een gezamenlijk traject van VenJ en het Veiligheidsberaad dat begin 2015 van start gaat en een doorlooptijd heeft van twee jaar. Het doel van het traject is te komen tot een eenduidige rolopvatting van de veiligheidsregio’s in relatie tot het Rijk en vitale partners. Daarnaast wordt per veiligheidsregio een actieplan opgesteld om de samenwerking tussen partijen te verstreken, o.a. op het gebied van alarmering, informatievoorziening en crisiscommunicatie. De Minister meldt in zijn brief dat de drinkwatervoorziening één van de aspecten van dit traject is. Hij zegt toe bij het Veiligheidsberaad het belang van de samenwerking tussen veiligheidsregio’s en drinkwaterbedrijven te onderstrepen, aandacht te vragen voor tijdige alarmering van drinkwaterbedrijven en voor een eenduidige lijn van de veiligheidsregio’s bij het verlenen van toegang aan vitale partners tot LCMS. Vewin ondersteunt de totstandkoming van een eenduidige rolopvatting van de veiligheidsregio’s. Belangrijke punten hierbij zijn de concretisering van hun rol en taak bij de inzet van nooddrinkwater en hun alarmeringstaak richting drinkwaterbedrijven. Een kanttekening van Vewin is dat er in dit traject geen nadere actieplannen per regio moeten worden opgesteld maar er centraal gestuurd wordt op directe implementatie, uitoefening en onderhoud van de afspraken uit het samenwerkingsconvenant dat in 2010 bestuurlijk is vastgesteld door het Veiligheidsberaad en het Vewin-Bestuur. Eén van die afspraken is dat drinkwaterbedrijven toegang krijgen tot LCMS (Landelijk Crisismanagement Systeem). Vewin is blij met bovenstaande toezegging van de minister t.a.v. LCMS. Met deze aansporing in de hand kan elke veiligheidsregio de drinkwaterbedrijven toegang verlenen tot LCMS. Dit is van belang om bij (mogelijke) drinkwater gerelateerde calamiteiten of crises een actueel beeld te krijgen van de situatie, te kijken of zij acuut maatregelen moeten treffen maar ook voor inzage in bijvoorbeeld lopende onderzoeken.

Landelijke uniformiteit
Bij nieuwe- of aanvullende samenwerkingsafspraken pleit Vewin ervoor dat de drinkwatersector via het Veiligheidsberaad centrale- en bindende afspraken kan maken. Verschillende afspraken met verschillende veiligheidsregio’s is niet alleen inefficiënt maar vooral contraproductief voor een goede crisisbeheersing. Dit geldt met name bij kritische processen als crisiscommunicatie waarbij uniformiteit een vereiste is. Een goed voorbeeld hiervan is de wens van de drinkwatersector om bij een grootschalig kookadvies haar klanten via het landelijke crisiscommunicatiemiddel NL-Alert snel en eenduidig te informeren. NL-Alert wordt ingezet door de veiligheidsregio’s. Via het Veiligheidsberaad zou de drinkwatersector graag eenduidige afspraken maken over inzet van NL-Alert door de veiligheidsregio’s bij grootschalige drinkwatercalamiteiten. 

Klik hier voor de brief van Minister Opstelten aan de Tweede Kamer
Klik hier voor de reactie van Vewin op de brief van Minister Opstelten

Delen via:

Gerelateerd aan dit nieuwsbericht