Direct naar content

CD Mijnbouw 3 juni 2026

25 mei 2026 Actueel standpunt

drs. Arjen Frentz

Manager Beleid, plv. directeur

Noa Maria Hartog

Beleidsmedewerker

drs. Arjen Frentz

Manager Beleid, plv. directeur

Noa Maria Hartog

Beleidsmedewerker

Inleiding

Dit position paper is inbreng van Vewin voor het Commissiedebat Mijnbouw van 3 juni 2026. De ondergrond is van groot belang voor onze energievoorziening. Tegelijkertijd is grondwater een belangrijke bron voor onze drinkwatervoorziening. Grondwaterwinning voor drinkwater en mijnbouwactiviteiten, zoals bodemenergie en geothermie, passen echter niet altijd en overal bij elkaar in de ondergrond.
Vewin vraagt aandacht voor:

  1. De herziening van de Mijnbouwwet;
  2. Het programma Duurzaam Gebruik Diepe Ondergrond (DGDO);
  3. Bescherming drinkwaterbronnen i.r.t. mijnbouw.

Herziening Mijnbouwwet

De verantwoordelijkheid voor de concrete invulling van het beschermingsregime van gebieden aangewezen of gereserveerd voor de drinkwatervoorziening berust conform artikel 2.18 (eerste lid, onderdeel c) en artikel 2.6 van de Omgevingswet bij de provincies. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) is op haar beurt verantwoordelijk voor het nemen van een instemmingsbesluit over het al dan niet toestaan van mijnbouwactiviteiten. Bij dit besluit betrekt het ministerie van EZK het SodM, Rijkswaterstaat en decentrale overheden, maar geen drinkwaterbedrijven. Risico’s op grondwaterverontreiniging door mijnbouwactiviteiten maken de drinkwaterbedrijven echter wel een relevante partij. Daarom bepleit Vewin om bij wet vast te leggen dat drinkwaterbedrijven ook om advies worden gevraagd zodra het ministerie van EZK een instemmingsbesluit voor mijnbouwactiviteiten wil nemen.

Vewin pleit ervoor dat wettelijk verankerd wordt dat bij het instemmingsbesluit voor mijnbouwactiviteiten drinkwaterbedrijven – als relevante partijen – ook om advies worden gevraagd, net als decentrale overheden, SodM en Rijkswaterstaat.

Programma Duurzaam Gebruik Diepe Ondergrond (DGDO)

In de Structuurvisie Ondergrond (STRONG) is het volgende opgenomen: “In de gebieden waar nu grondwater wordt onttrokken voor de openbare drinkwatervoorziening is het risico op verontreiniging door mijnbouwactiviteiten, hoe klein ook, niet acceptabel.” STRONG zal worden vervangen door het programma Bodem, Ondergrond en Grondwater (BOG) van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en het programma Duurzaam Gebruik Diepe Ondergrond (DGDO) van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK). Vewin vraagt om in het programma DGDO concreet vast te leggen c.q. te bestendigen dat mijnbouw, zoals bodemenergie en geothermie, uitgesloten is in gebieden die zijn aangewezen of gereserveerd voor de winning van drinkwater uit grondwater, zoals waterwingebieden, grondwaterbeschermingsgebieden, boringvrije zones en Aanvullende Strategische Voorraden (ASV’s). Ook moeten risicovolle ruimtelijke ontwikkelingen zoveel mogelijk uitgesloten worden in Nationale Grondwaterreserves (NGR’s) ter bescherming van de drinkwatervoorziening. Expliciet moet duidelijk worden gemaakt onder welke strenge voorwaarden mijnbouwactiviteit binnen de begrenzing kan worden toegestaan en wat er gebeurt als niet aan deze voorwaarden wordt voldaan. Uiteraard is goede afstemming tussen het programma DGDO en het programma BOG van het ministerie van IenW hierbij van groot belang.

  • Vewin pleit voor uitsluiting van mijnbouwactiviteiten in waterwingebieden, grondwaterbeschermingsgebieden, boringvrije zones en Aanvullende Strategische Voorraden (ASV’s);
  • Vewin pleit voor strenge voorwaarden voor mijnbouwactiviteiten binnen de begrenzing van Nationale Grondwaterreserves (NGR’s);
  • Vewin onderstreept de noodzaak van nauwe afstemming tussen de programma’s BOG en DGDO.

Bescherming drinkwaterbronnen in relatie tot mijnbouw

Eind 2025 publiceerde de Europese Commissie het RESourceEU Action Plan; een plan om het mijnen van kritieke grondstoffen in Europa te bevorderen. De Europese Commissie stelt onder andere voor om in 2026 de Kaderrichtlijn Water (KRW) te evalueren en herzien, om zo de toegang tot kritieke grondstoffen te verbeteren. De doelen die in de KRW zijn gesteld, zijn echter cruciaal voor het verbeteren van de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater; de belangrijkste bronnen voor de drinkwatervoorziening. Ook is niet overtuigend aangetoond dat de KRW werkelijk een belemmering vormt voor de winning van kritieke grondstoffen. Er zijn andere manieren om de toegang tot die grondstoffen te verbeteren, zoals via richtsnoeren, harmoniseren van de implementatie van de KRW, of betere vergunningsprocedures.
Daarom wil Vewin niet dat de KRW herzien wordt. Gezien het belang van de drinkwatervoorziening voor de nationale veiligheid en de volksgezondheid, pleit Vewin ervoor dat bij het bevorderen van Europese mijnbouw de bescherming van drinkwaterbronnen niet in het geding komt. Als de herziening van de KRW toch doorgang vindt, moet in ieder geval de bescherming van drinkwaterbronnen centraal komen te staan.

  • Herziening van de KRW is onnodig en ongewenst; er zijn andere manieren om de toegang tot kritieke grondstoffen in de EU te verbeteren, zoals via richtsnoeren, harmoniseren van de implementatie van de KRW, of betere vergunningsprocedures;
  • Verlies de drinkwatervoorziening niet uit het oog bij uitvoering van het RESourceEU Action Plan; zet bij evaluatie en herziening van de KRW (indien die toch doorgang vindt) de bescherming van drinkwaterbronnen centraal en laat deze bescherming bij het bevorderen van mijnbouw in Europa niet in het geding komen.

Alexander van den Honert

Stuurgroepsecretaris Doelmatigheid, Transparantie & Waterketen

honert@vewin.nl

070 349 08 55

Contact

Naam(Vereist)
E-mailadres(Vereist)
Laat ons weten wat je bezighoudt. Heb je een vraag voor ons? Stel hem gerust.
*Verplicht veld

Abonneren Waterspiegel

"*" geeft vereiste velden aan

Bent u beroepsmatig betrokken bij de watersector? Dan kunt u het blad vier keer per jaar gratis in de bus ontvangen.

Naam*
Adres*