Direct naar content

Waterpoort: grip op industriële lozingen vraagt om meer inzicht, betere handhaving en bredere aanpak

23 juni 2026 Nieuws

Op 22 juni organiseerden Vewin en de Unie van Waterschappen een gezamenlijke Waterpoort in Nieuwspoort over waterkwaliteit in relatie tot industriële lozingen. Onder leiding van Splinter Chabot gingen bestuurders, politici en deskundigen met elkaar in debat over waterkwaliteit en de vraag hoe Nederland meer grip kan krijgen op industriële lozingen.

Sprekers waren Luciënne Boelsma-Hoekstra (CDA), Ines Kostić (Partij voor de Dieren), Natacha Malick (Algemene Rekenkamer), Jooske de Sonnaville (Algemene Rekenkamer), Arne Weverling (gedeputeerde Zuid-Holland, VVD), Ani Zalinyan (Progressief Nederland), Jeroen Haan (Unie van Waterschappen) en Pieter Litjens (Vewin).

Meer zicht nodig op wat er wordt geloosd

De aftrap van de bijeenkomst werd verzorgd door Jooske de Sonnaville van de Algemene Rekenkamer. Zij lichtte de belangrijkste bevindingen uit het onderzoek Focus op industriële lozingen toe. Daarbij werd duidelijk dat overheden en toezichthouders beperkt zicht hebben op welke stoffen precies worden geloosd. Op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving kan veel verbeterd worden volgens de Algemene Rekenkamer.
De Sonnaville gaf aan dat het niet halen van de doelen van de KRW risico’s met zich meebrengt, onder meer voor  het milieu en op financieel vlak. Zo loopt Nederland het risico van een boete vanuit de Europese Commissie, wanneer de doelen niet gehaald worden.

Vergunning intrekken bij niet-vergunde lozingen?

De eerste stelling luidde: ‘Als er stoffen zijn die niet zijn vergund, maar wel geloosd, is dat reden voor het intrekken van een vergunning.’

Verschillende sprekers benadrukten dat bedrijven zich aan de afspraken moeten houden en dat overtredingen consequenties moeten hebben. Daarbij werd de vergelijking met een verkeersovertreding; ook die heeft gevolgen voor de burger. Tegelijkertijd werd gewezen op het belang van stevig toezicht en handhaving. Ook werd gesteld dat niet iedere overtreding direct om de zwaarst mogelijke maatregel vraagt.
Met ongeloof en onbegrip werd gesproken over een casus van een langdurige illegale lozing, die uiteindelijk resulteerde in een vergunning. Volgens verschillende sprekers is daarvoor aanpassing van de regelgeving nodig.

Schoon water; ambitie of realisme?

Bij de tweede stelling – ‘In Nederland zijn lozingen onvermijdelijk; het KRW-doel van vrijwel schoon oppervlaktewater miskent de realiteit van economie en bevolkingsdruk’ – ontstond een levendig debat.
De sprekers wezen erop dat er ook veel doelen wel gehaald worden, dat het goed zou zijn meer per gebied of per sector te kijken en dat we niet zonder bepaalde stoffen kunnen (zoals medicijnen en sommige PFAS). Tegelijkertijd haalden de sprekers aan dat er ruim 25 jaar de tijd is geweest om de doelen te halen die Nederland zelf heeft afgesproken. Dan kun je niet vlak voor de deadline zeggen dat je de doelen niet haalt. Vanuit de Algemene Rekenkamer werd benadrukt dat niets doen nog veel meer geld kost en dat de minister van IenW stelselverantwoordelijk is.
Ook werd gesteld dat waterkwaliteit een breed onderwerp is, dat ook gaat over economie en gezondheid. Het zou daarom niet alleen aan de watertafels besproken moeten worden, maar breder.

Commissiedebat Water

Op de vraag van Chabot wat de inbreng van de aanwezige Kamerleden voor het Commissiedebat Water van 25 juni ging worden zaten de Kamerleden redelijk op één lijn. Een PFAS-verbod werd genoemd (ook nationaal en in bestrijdingsmiddelen), meer inzicht in en regie op lozingen en veel aandacht voor zoetwaterbeschikbaarheid.

Wie betaalt en een PFAS-verbod

Aan het einde van de middag kregen beide voorzitters als afsluiting het woord. Haan draaide een van de principes uit de KRW om: ‘Het is niet de vervuiler betaalt, maar de vervuiler betaalt niet!’ de gevolgen van privaat handelen, zoals vervuiling door een bedrijf, mogen niet worden afgewenteld op het publiek volgens Haan.
Litjens pleitte voor een spoedig PFAS-verbod, ook nationaal. Op korte termijn moeten maatregelen genomen worden voor de langere termijn. Voorkomen moet worden dat maatschappelijke kosten door niet ingrijpen steeds verder oplopen. Tot slot deed hij een oproep aan de minister van IenW: ‘De minister moet opstaan als steun in de rug voor waterschappen en provincies. Hopelijk ziet de minister dat dit nodig is gezien de uitdagingen waar de drinkwatersector voor staat.’

Impressie

Alexander van den Honert

Stuurgroepsecretaris Doelmatigheid, Transparantie & Waterketen

honert@vewin.nl

070 349 08 55

Contact

Naam(Vereist)
E-mailadres(Vereist)
Laat ons weten wat je bezighoudt. Heb je een vraag voor ons? Stel hem gerust.
*Verplicht veld

Abonneren Waterspiegel

"*" geeft vereiste velden aan

Bent u beroepsmatig betrokken bij de watersector? Dan kunt u het blad vier keer per jaar gratis in de bus ontvangen.

Naam*
Adres*