Geen herziening Kaderrichtlijn Water
Standpunt - 31 maart 2026
Sinds het aantreden van de nieuwe Europese Commissie (EC) in december 2024 is er in de Europese Unie (EU) meer aandacht gekomen voor concurrentievermogen, het verminderen van administratieve lasten en het versimpelen van wetgeving. Ook op het gebied van water- en milieuwetgeving is dit het geval. Zo heeft de EC in december 2025 een versimpelingspakket op het gebied van milieu gepresenteerd, de zogenoemde milieuomnibus. In dit pakket worden aankondigingen gedaan over onder meer de Richtlijn Industriële Emissies, milieubeoordelingen en de INSPIRE-richtlijn. Vewin erkent dat administratieve vereenvoudiging nodig kan zijn, maar heeft zorgen over de mogelijke vergroting van risico’s voor het milieu en de waterkwaliteit. Vewin benadrukt dat de voorstellen mogelijk negatieve gevolgen kunnen hebben voor de kwaliteit, beschikbaarheid en bescherming van drinkwaterbronnen en voor de drinkwaterinfrastructuur. Hieronder een overzicht van de voorstellen en de inzet van Vewin.
De meeste voorgestelde wijzigingen in de milieuomnibus betreffen de Richtlijn Industriële Emissies. Dit betreft een aantal afzwakkingen van regelgeving rondom rapportageverplichtingen voor industrieën. Zo bestaat er momenteel een verplichting voor producenten om te rapporteren over SCIP-data (Substances of Concern in Products), met name gericht op recycling. De EC stelt voor deze verplichting te schrappen, wat zorgt voor minder zicht op Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) in afvalstromen. Daarnaast wordt voorgesteld om de rapportageplicht voor veehouderijen en aquacultuurbedrijven over hun gebruik van water, energie en grondstoffen te schrappen. Ook worden de Environmental Management Systems (EMS) versimpeld en worden onderdelen hieruit, zoals de verplichting tot een substitutieanalyse, geschrapt. Vewin maakt zich zorgen over deze voorstellen. Juist de verplichting tot periodieke, transparante rapportages over het gebruik van Zeer Zorgwekkende Stoffen en de verplichting tot nadenken over vervanging leiden tot effectieve reductie van de emissies van ZZS en de mogelijkheid bedrijven hierop te bevragen.
Behoud de preventieve instrumenten en rapportageverplichtingen in de Richtlijn Industriële Emissies in relatie tot Environmental Management Systems (EMS) en SCIP-data.
In de milieuomnibus doet de EC een voorstel voor een verordening die de procedures rond milieuvergunningen moet versnellen voor strategische sectoren. Het doel is om te komen tot simpelere en versnelde procedures met een ‘single point of contact’ dat complexe procedures coördineert. Ook moet er betere samenwerking komen tussen overheden bij grensoverschrijdende projecten, en moet er meer aandacht zijn voor digitalisering, voldoende capaciteit en financiële steun voor administratieve kosten. Ook de drinkwatersector heeft last van trage vergunningsverleningsprocedures. Het is daarom van belang dat de drinkwatersector wordt aangemerkt als strategische sector. Bij de versnelling van vergunningsverleningsprocedures voor alle strategische sectoren is het daarnaast van belang dat er wordt getoetst aan milieu- en waterkwaliteitsstandaarden, waaronder die uit de KRW. Deze standaarden mogen niet worden verzwakt.
- Merk de drinkwatersector aan als strategische sector om vergunningverlening te versnellen.
- Verzwak milieu- en waterkwaliteitsstandaarden niet bij het versnellen van vergunningsprocedures voor strategische sectoren.
De EC stelt voor de INSPIRE-richtlijn (Infrastructure for Spatial Information) te versimpelen. Onder de INSPIRE-richtlijn bestaat de mogelijkheid om informatie die de publieke veiligheid in gevaar brengt, niet publiek toegankelijk te maken (Art. 13). In Nederland maakt de drinkwatersector, met het oog op haar kritieke infrastructuur, gebruik van deze uitzondering. Vewin ondersteunt de inzet van de EC om dit artikel niet aan te passen.
Laat Artikel 13 van de INSPIRE-richtlijn onaangeroerd om de kritieke infrastructuur van de drinkwatersector te beschermen.
De Nitraatrichtlijn wordt momenteel geëvalueerd. Hiertoe heeft eerder een consultatie opengestaan waar Vewin op gereageerd heeft. In de milieuomnibus benoemt de EC dat ze de resultaten van de evaluatie zal publiceren. Een exact moment hiervoor is niet duidelijk, maar het wordt verwacht in 2026. De EC besluit op basis van de evaluatiestudie welke aanvullende acties nodig zijn en of de richtlijn wordt herzien. De Nitraatrichtlijn is gericht op het terugdringen en voorkomen van nitraatverontreiniging uit agrarische bronnen om zodoende een goede waterkwaliteit binnen de EU te waarborgen en is daarmee van groot belang voor de bescherming van drinkwaterbronnen. De drinkwatersector ondervindt aanhoudende problemen met nitraatverontreiniging in veel Nederlandse grondwaterwinningen die voor drinkwaterproductie worden gebruikt. Het is noodzakelijk dat grondwater dat voor drinkwaterdoeleinden wordt onttrokken, beter wordt beschermd tegen verontreiniging met nitraat dan nu het geval is. Vewin benadrukt dat herziening van de Nitraatrichtlijn onnodig is. In plaats daarvan moet worden gewerkt aan betere implementatie en handhaving.
Herzie de Nitraatrichtlijn niet, maar focus op betere implementatie en handhaving.
In de milieuomnibus en het ReSourceEU Action Plan kondigde de EC een evaluatie en herziening van de KRW aan. Deze herziening wordt voorgesteld omdat de EC de toegang tot kritieke grondstoffen in de EU wil verbeteren. Volgens de EC belemmert bestaande milieuwetgeving, waaronder de KRW, deze doelstelling. In het eerste kwartaal van 2026 verschijnt een leidraad om implementatie van de KRW voor de mijnbouwsector te verduidelijken, vereenvoudigen en harmoniseren. In het tweede kwartaal volgt de evaluatie en herziening van de KRW. Vewin maakt zich ernstig zorgen over dit voornemen, vanwege de risico’s die dit kan opleveren voor de bescherming en de verbetering van de kwaliteit en beschikbaarheid van drinkwaterbronnen.
Zie ons uitgebreide standpunt over de herziening van de KRW hier.
Verder lezen? Vewin biedt meer informatie over dit onderwerp. Klik hiernaast om naar een gerelateerde pagina te gaan.